NGJS Nieuwsbrief 13 (17-10-2025)
Op 3 juni 2025 hield prof.dr. Lieve Teugels haar inaugurele rede bij de aanvaarding van de leerstoel Judaïca aan de PThU. Ter gelegenheid van deze feestelijke gebeurtenis organiseerde het NGJS-bestuur een kort interview met haar.
- Beste Lieve, van harte gefeliciteerd met je oratie! Hoe heb je de dag beleefd?
Ik heb prachtige herinneringen aan de dag. Het symposium door collega’s (Dineke Houtman, Judith Frishman, Eric Ottenheijm, Willem Smelik, Eeuwout Klootwijk) leverde stuk voor stuk interessante en gevarieerde bijdragen aan het thema van de dag. Het Vocaal Theologenensemble onder leiding van Hanna Rijken bracht een keur aan Hebreeuwse Psalmen, voor de gelegenheid in het gezelschap van Miriam Lipovsky, chazzan van de LJU Utrecht, mijn synagoge. Mijn collega Bärry Hartog bracht een meesterlijke vertolking van Lecha Dodi, als onderdeel van de oratie. De oratie zelf ging wat mij betreft goed, ik heb ook alleen maar positieve reacties gehad. En dan waren er nog prachtige momenten achteraf, de receptie, en een besloten feestje. Een van de leukste momenten was toen de vertegenwoordiging van de LJG, een aantal rabbijnen en leden van LJG Utrecht, me op een stoel hesen en dansend met me rondparadeerden. Dat was het beste bewijs dat het jodendom een vrolijke religie is, en geen religie van wet en van lijden: een van de dingen die ik in mijn oratie probeer aan te tonen. Het gaat dan om christelijke stereotiepe beelden van joden en jodendom.
- We hebben veel vragen maar zijn toch vooral benieuwd naar je onderzoeksplannen: ga je verder met het parabelonderzoek en antisemitisme, of een nieuwe onderzoekslijn opzetten?
Ik ben sinds dit jaar ook leerstoelgroepvoorzitter, en ik moet eerlijk zeggen dat het managen, naast onderwijs, me nog weinig tijd voor onderzoek overlaat. Ik hoop dat ik er binnenkort wat meer aan ga wennen en weer kan gaan nadenken over onderzoek. Ik heb nog genoeg materiaal van het parabelonderzoek liggen om lezingen en papers mee te vullen, maar het is geen hoofdlijn in mijn onderzoek meer. Christelijke stereotiepe beelden van joden, in de iconografie, en op schrift, fascineren me, maar ik wil ook niet altijd in het negatieve blijven hangen. Ik denk met collega’s na over het aandeel van antisemitische stereotypen in samenzweringstheorieën. Dat is een actueel onderwerp, ook niet positief uiteraard, maar wel relevant en misschien zelfs interessant genoeg voor funding. Verder ben ik me, ook door een samenloop van omstandigheden, met een groepje aan het verdiepen in de Joodse wetenschappers uit Breslau van het begin van de vorige eeuw, vooral de exegeet Benno Jacob. De commentaren van Jacob zijn een goede manier om in het onderwijs via de exegese wat midrasj binnen te smokkelen.
- Je bent nu hoogleraar aan een universiteit met een eerbiedwaardig en uitgesproken profiel. Heeft dat profiel invloed op de keuzes die je maakt in je onderzoek, en zo ja, kun je daar voorbeelden van noemen? Als niet, bij welke onderzoekstraditie voel jij je het meest thuis en sluit je het liefst aan?
Dat is mooi geformuleerd. Voor mijn oratie moest ik een keuze maken die aansluit bij die doelgroep. Ik realiseerde me dat ik mijn publiek niet zou kunnen vasthouden met een uiteenzetting over de fascinerende hermeneutiek van de midrasj. Dus ik heb gezocht naar een onderwerp dat begrepen kan worden door een breed publiek en aansluit bij waar christenen, ook onze studenten, mee bezig zijn. Ik wilde ook met een positieve noot eindigen: hoe kunnen de Joodse Studies, vooral de teksten uit de midrasj, de joodse theologie, en de liturgie, op een aantrekkelijke manier ingezet worden in het onderwijs aan de PThU. Liefst zit ik in een hoekje een midrasj uit te pluizen. Maar doordat ik me wat breder moet oriënteren nu, heb ik ook veel inspiratie gevonden in de Joodse Hermeneutische Theologie, zoals voorgesteld door o.a. Michael Fishbane.
- Studenten theologie kunnen heel uitgesproken of juist onbewuste ideeën en opvattingen hebben over wat jodendom is of zou moeten zijn. Die ideeën kunnen behoorlijk ver afstaan van de diversiteit van het levende jodendom. Hoe ga je daarmee om?
Dat eerste is precies waar mijn oratie over ging, over hoe die onbewuste ideeën, die ik “de theologische jood” heb genoemd, nog steeds springlevend zijn. Wat de diversiteit betreft probeer ik in mijn colleges iets te laten zien van de gevarieerde vormen van jodendom, in de oudheid maar ook in deze tijd. Met name de volledige gelijkheid van vrouwen en mannen in het liberale jodendom is bij veel studenten niet bekend. In powerpoints laat ik graag plaatjes zien van vrouwen die Torah lezen, bijvoorbeeld. Als tegenwicht tegen de standaard plaatjes van mannen in shtreimels, die toch vaak als “de jood” worden beschouwd.
- Hoe zie je de toekomst van de Joodse Studies in Nederland en hoe wil je daar met jouw leerstoel aan bijdragen?
Mijn leerstoel is uiteraard specifiek gericht op een levensbeschouwelijke universiteit. Maar dat is ook deel van de Joodse Studies in Nederland. Elk beetje helpt, en christelijke universiteiten zijn vaak wel geïnteresseerd in Joodse Studies. Dat biedt, naast het broodnodige onderwijs, ook ruimte voor onderzoek. Soms wordt Joodse Studies aan een faculteit theologie niet beschouwd als “echte” Joodse Studies. Maar het is een platform, en we moeten de ruimte die we daar krijgen aangrijpen. En daarnaast blijft het, helaas, nodig om vooroordelen tegen joden en jodendom die nog steeds, of weer opnieuw, in bepaalde christelijke kringen leven, te bestrijden. Onderwijs aan toekomstige predikanten is een essentiële stap daarin.
Hartelijk dank voor dit interview, Lieve. We wensen je alle goeds bij je verdere onderzoek en onderwijs als Hoogleraar Judaica!
De oratie van Lieve Teugels kan hier worden gedownload.